Reinigingsmateriaal reinigen

Reiniging van het reinigingsmateriaal is een vergeten schakel in je hygiënplan.

Reinigingsmateriaal kun je het beste na het reinigen ophangen aan een schaduwbord of ophangen aan daarvoor bestemde haken aan de muur.

In de voedingsmiddelenindustrie wordt veel aandacht besteed aan het reinigen van installaties, vloeren en contactoppervlakken. Maar hoe zit het met het reiningsmateriaal dat je daarvoor gebruikt? Je reinigt er alles mee, maar… wie reinigt je reinigingsmateriaal? Reinig je je reinigingsmateriaal niet? Dan loop je grote risico’s op (kruis)besmetting, afkeuring en boze auditors. 

In deze blog lees je waarom je het schoonmaken van je reinigingsmateriaal net zo serieus moet nemen als het reinigen als je productielijn. Ook leer je hoe je dat het beste aanpakt en hoe je ervoor zorgt dat het altijd auditproof is. 

Waarom moet je reinigingsmateriaal reinigen?

Reinigingsborstels, trekkers, doeken en andere reinigingsmaterialen komen dagelijks in contact met vuil, voedselresten, allergenen en micro-organismen. Als ze niet goed gereinigd worden, dan:

  • Vervuild het gereedschap je productieomgeving opnieuw (= kruisbesmetting). 
  • Trekken voedselresten ongedierte aan. 
  • Groeien micro-organismen in vochtige borstelkoppen. 
  • Komt je voedselveiligheid in gevaar.  

En dit is geen hypothetisch probleem. Uit onderzoek van Campden BRI blijkt dat 47% van de reiniginsmaterialen besmet is met Listeria monocytogenes.

Wat zegt de wet over (het reinigen van) reinigingsmateriaal?

De belangrijkste voedselveiligheidsstandaarden zijn duidelijk als het gaat om het hygiënisch design en het reinigen van reinigingsmaterialen.

BRCGS (versie 9) over schoon reinigingsmateriaal.

BRCGS versie 9 zegt het volgende over het schoonmaken van reinigingsmateriaal. Reinigingsgereedschap moet allereerst hygiënisch ontworpen zijn. Daarnaast moet het geschikt zijn voor het doel waarvoor het wordt gebruikt. Ook moet er worden gereinigd op een manier die besmetting voorkomt (Sectie 4.11.6). Hygiënisch ontwerp draait om eenvoud in reiniging. Denk aan reinigingsmateriaal van gladde, niet-absorberende materialen, zonder kieren of scherpe hoeken en bestand tegen reinigingsmiddelen en temperatuur. 

FSSC 22000 (ISO/TS 22002-1:2009) over reinigen van reinigingsmateriaal.

Ook in FSSC 22000 wordt aandacht besteed aan het reinigen van reinigingsmateriaal. Reinigingsmaterialen moeten volgens FSSC 22000 in goede staat verkeren en regelmatig worden gereinigd, volgens vastgelegde en geverifieerde protocollen (Sectie 11.2 en 11.3) 

Kortom: je bent verplicht om reinigingshulpmiddelen te reinigen en dat aantoonbaar te maken. 

IFS Food over hygiënisch reinigingsmateriaal.

IFS Food stelt net als FSSC 22000 en BRCGS versie 9 duidelijke eisen aan de hygiëne van reinigingsmaterialen. Reinigings- en desinfectieschema’s moeten risicogebaseerd, gedocumenteerd en geverifieerd zijn (hoofdstuk 4.10). Dit betekent dat bedrijven niet alleen hun productielijnen, maar ook hun schoonmaakmaterialen moeten reinigen, opslaan en controleren volgens vastgelegde protocollen. Denk aan visuele inspecties of ATP-tests om de effectiviteit aan te tonen. Zo borgt IFS dat reinigingshulpmiddelen zelf geen bron van besmetting worden. 

Hoe bepaal je een geschikt reinigings- en desinfectieprotocol voor het reinigen van werk- en reinigingsmateriaal?

Hoe voorkom je dat schoonmaaktools een besmettingsbron worden? Je moet geschikte reinigings- en desinfectieprotocollen te ontwikkelen. Dit doe je op basis van risicoanalyses, een geschikte methode/frequentie en het documenteren en bewaren van resultaten. 

Stap 1: Bepaal de gevolgen van onhygiënisch reinigingsmateriaal in een risicoanalyse.

In de risicoanalyse beantwoord je drie vragen: 

  • Wat zijn de risico’s? Dit kunnen bijvoorbeeld voedselresten, allergenen of micro-organismen zijn. 
  • Hoe groot is de kans dat het misgaat? Wordt het materiaal in high-risk zones gebruikt of komt het materiaal vaak in contact met allergenen? 
  • Wat zijn de gevolgen als het fout gaat? Neem hierbij ook de kwetsbaarheid van je doelgroep mee. Denk ook aan de gevolgen van recalls, ziekenhuisopnames, reputatieschade.

Er zijn daarnaast veel variabelen die een rol spelen in je risico-analyse. Hou hier rekening mee! Je kunt denken aan bijvoorbeeld:

  • Het type voedingsmiddel dat je produceert. 
  • Het oppervlak dat gereinigd moet worden. 
  • Moet er nat of droog gereinigd worden.
  • Is er direct contact met voedsel (of juist niet). 
  • Welke reinigings- en desinfectiemiddelen worden er gebruikt.

Stap 2: Kies de juiste reinigingsmethode voor het reinigen van reiniginsmateriaal.

Hoe je je reinigingsgereedschap moet reinigen, hangt dus onder andere af van de risico’s die er zijn in je productieomgeving. Er zijn verschillende manieren om je reinigingsgereedschap te reinigen. De manieren om reinigingsmateriaal te reinigen zijn: natte reiniging, reiniging met een desinfectiebad, thermische reiniging en droge reiniging. 

Nat reinigen & desinfecteren.

Reinigingsmaterialen worden vaak aan het einde van de dag gereinigd door: 

  • Dompeling in water met reinigingsmiddel. 
  • Handmatige of machinale reiniging (bijv. tray washer). 
  • Gebruik van een desinfectiebad. 
  • Hittebehandeling.
  • Organisch vuil kan het desinfectie-effect verlagen, dus voorreiniging is essentieel. 
Vies reiningsmateriaal vóór desinfectie hangt aan een rek in een voedselverwerkend bedrijf.

Thermische en droge reiniging.

Reinigingsmaterialen moeten lang genoeg in een desinfectie-oplossing liggen. Is dat niet zo? Of is de oplossing verkeerd bereid? Dan verandert het materiaal zelf in een ‘soep’ van micro-organismen. Hierdoor neemt juist het risico op kruisbesmetting toe. 

Daarom gebruiken sommige fabrikanten industriële vaatwassers of wasmachines om zowel te reinigen als thermisch te desinfecteren. Enkele voedselproducenten gebruiken zelfs een autoclaaf. Hiermee kun je reinigingsmiddelen steriliseren na het schoonmaken. 

In bepaalde droge voedselomgevingen worden reinigingstools juist niet nat gereinigd. Dit is vaak uit angst dat achterblijvend vocht microbieel risico oplevert. Hierdoor worden materialen soms na één gebruik weggegooid. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij de productie van babymelkpoeder. Duur, maar veilig voor deze kwetsbare doelgroep. 

Schoon reinigingsmateriaal van Vikan aan een Vikan ophangsysteem.

Visuele weergave van de reinigings- en desinfectiestappen voor het schoonmaken van je reinigingsmateriaal.

De afbeelding hieronder is een schematische weergave van het reinigings- en desinfectieproces van je reinigingsmateriaal. Je ziet de verschillende stappen voor zowel droge als natte reiniging en hoge en lage besmettingsrisico’s.

Visuele weergave van het reinigingsproces voor het reinigen van reinigingsmaterialen in de voedingsindustrie bij natte en droge reiniging.

Stap 3: Bepaal de frequentie van de reiniging van reinigingsmateriaal.

Net als het kiezen van de juiste reinigingsmethode, is de frequentie van de reiniging ook gebaseerd op een verschillend aantal factoren. Hierbij kun je denken aan: 

  • Het gebruik. Hoe vaak en hoe lang gebruik je het reinigingsmateriaal en wat maak je er mee schoon (frequentie en soort vuil). 
  • De zone. Gaat het om een hoge risico-zone of om een lage risico-zone (low care, high care of high risk). 
  • Het product. Welk type of welke typen producten produceer je (bijv. babyvoeding vs. koekjes). 
  • Consumentenrisico. Wie is de gebruiker van je eindproduct (kwetsbare doelgroepen zoals baby’s, ouderen of mensen met allergieën). 

Frequentie en methode hangen sterk met elkaar samen en zijn sterk van elkaar afhankelijk. Het zijn twee belangrijke componenten om mee te nemen in je reinigings- en desinfectieprotocol. Meer factoren die van invloed zijn op je reinigingsplan, vind je terug in de Sinner Reinigingscirkel. 

Stap 4: Validatie, monitoring en verificatie van de reiniging van reinigingsmateriaal.

Volgens FSSC 22000 4.1 moeten alle reinigingsprocessen worden gevalideerd (werkt het écht?), gemonitord (wordt het correct uitgevoerd?) en geverifieerd (blijft het effectief?). Dat geldt dus ook voor het reinigingsproces van reinigingsmaterialen.

Dipslidesmicrobiologische swabs, hygiëne (snel)testenallergene sneltestenATP swabsteststrookjes voor residucontrole zijn geschikt voor monitoring en microbiologische bewaking van schoonmaakprocessen binnen de productieomgeving.

Onderhoud en opslag van reinigingsmateriaal.

Goed onderhoud en slimme opslag verlengen de levensduur van je reinigingsmateriaal. Ook voorkomen ze besmetting. Inspecteer je reinigingsmateriaal regelmatig op slijtage of vuil. Vervang ze daarnaast tijdig. Voor optimale voedselveiligheid gebruik je kleurcodering per zone. Hang reinigingsmaterialen op aan schaduwborden of ophangsystemen en muurbeugels. Hang ze op met de kop naar beneden en houd voldoende afstand tussen materialen. Vermijd losse stickers en reinig ook de opslag zelf. Hierdoor zie je in één oogopslag of alle materialen compleet en hygiënisch zijn.

Best practises in één oogopslag.

  • Werk alleen met hygiënisch ontworpen tools.
  • Reinig dagelijks of volgens risicoanalyse.
  • Monitor met inspecties en snelle detectietests.
  • Periodieke verificatie om te bevestigen dat alles nog werkt zoals het moet.
  • Vervang tijdig bij slijtage.
  • Documenteer wie, wat en wanneer.
  • Gebruik kleurcodering en duidelijke opslag.
  • Automatiseer waar mogelijk voor consistentie.

Onze aanbeveling?

Maak reiniging van reiniginsmaterialen een vast onderdeel van je hygiëneplan. Wil je advies bij het opzetten van een reinigings- en onderhoudsplan voor je tools? Of zoek je hygiënisch ontworpen reinigingsmateriaal dat voldoet aan IFS, BRCGS en FSSC 22000? Neem gerust contact met ons op. Wij denken praktisch met je mee.

Slogan: Dat is toch Brilliant oranje

Bezoek onze webshop

Contact met een van onze experts